Westelijke frontroute
Nergens loopt het front van de Stelling van Amsterdam zo dicht langs de hoge duingronden als bij Beverwijk. De strook te inunderen land was daardoor smal. Reden genoeg voor de ontwerpers van de Stelling om extra maatregelen te treffen. De route begint bij het station van Beverwijk en voert door een prachtig open landschap ondanks de nabijheid van een sterk verstedelijkt gebied en een autosnelweg. De dijkjes vragen hier om uw aandacht.
Liniewal Fort Zuidwijkermeer – Fort bij Veldhuis
Deze wal bestaat uit twee delen, de zware liniedijk door de Wijkermeerpolder tussen fort Zuidwijkermeer en het Fort aan de St. Aagtendijk en het gedeelte van de St Aagtendijk tussen Fort aan de St. Aagtendijk en het Fort bij Veldhuis. Het gebied voor de linie kon bij een aanvalsdreiging onderwater worden gezet. In de Liniewal zijn nog de traversen(aarden wal dwars op de wal) te zien, die deze in compartimenten verdeelde.
Voor de dijk tussen Fort aan de St. Aagtendijk en Fort bij Veldhuis ligt het Voorkanaal. Aan de overzijde van het kanaal is nog het dijkje te zien, dat tot doel had benadering met vaartuigen te belemmeren.
Voor de dijk tussen Fort aan de St. Aagtendijk en Fort bij Veldhuis ligt het Voorkanaal. Aan de overzijde van het kanaal is nog het dijkje te zien, dat tot doel had benadering met vaartuigen te belemmeren.
Inundatiedijk
Vanaf Fort bij Veldhuis loopt een inundatiedijkje langs fort aan de Ham naar fort bij Krommeniedijk tot in het dorp Krommeniedijk. Het gedeelte tot de Markervaart is afgegraven.
Fort aan de St. Aagtendijk
Voor het fort is het laatste stuk van het Zijkanaal A te zien. Deze staat in verbinding met het Noordzeekanaal. Formeel werd dit kanaal gegraven als haven voor Beverwijk. Het werkelijke doel van het kanaal was wateraanvoer voor de onderwaterzetting. Richting fort bij Veldhuis is het brede voorkanaal te zien en een rechthoekig water, de 'ontvangkom', gescheiden door een stenen beer. Oorspronkelijk was er een open verbinding tussen Zijkanaal A en het Voorkanaal. Een brug zorgde voor de doorgaande verbinding over de dijk. Ook lag hier een inlaatsluis, waardoor vanuit het Zijkanaal A water via de ontvangkom op het voorterrein kon worden gebracht. Om uitschuring door het stromende water te voorkomen werd de bodem van de kom versterkt met stenen.
Het fort is afwijkend van vorm. Aan de frontzijde is een uitbouw te zien, de caponniére. Deze diende tot verdediging van het terrein gelegen direct voor de liniewal. Kijkend naar links is dat begrijpelijk. Naar rechts wordt het pas begrijpelijk als men weet dat op de plek waar nu de dijk ligt, eerst een brug was, waarvan het brugdek en de pijlers konden worden verwijderd.
Aanwezig is de fortwachterswoning en de genieloods. Deze loods diende voor de opslag van het veldgeschut. Nog is rechts van het fort aan de keelzijde het zanddepot te zien dat diende voor de inrichting van geschutsopstellingen in het veld. Aan de linkerzijde stond een lichtremise, een nevenbatterij en een sluisje. Deze zijn verdwenen ten behoeve van de snelweg.
Het fort is afwijkend van vorm. Aan de frontzijde is een uitbouw te zien, de caponniére. Deze diende tot verdediging van het terrein gelegen direct voor de liniewal. Kijkend naar links is dat begrijpelijk. Naar rechts wordt het pas begrijpelijk als men weet dat op de plek waar nu de dijk ligt, eerst een brug was, waarvan het brugdek en de pijlers konden worden verwijderd.
Aanwezig is de fortwachterswoning en de genieloods. Deze loods diende voor de opslag van het veldgeschut. Nog is rechts van het fort aan de keelzijde het zanddepot te zien dat diende voor de inrichting van geschutsopstellingen in het veld. Aan de linkerzijde stond een lichtremise, een nevenbatterij en een sluisje. Deze zijn verdwenen ten behoeve van de snelweg.
Fort bij Veldhuis
Het fort ligt aan de Genieweg en heeft zijn naam te danken aan de noordelijk gelegen boerderij 'Veldhuis'. De genieloods is onlangs gerestaureerd. Links en rechts zijn zanddepots voor geschutsopstellingen in het veld. Zuidelijk van het fort ligt de nevenbatterij. Evenals de meeste forten had dit fort in de Tweede Wereldoorlog een Duitse bezetting. Uit die tijd dateert de keuken links van het fort en de lichtremise. Op 10 februari 1944 stortte bij het fort een Amerikaanse bommenwerper neer. De piloot heeft zich weten te redden. De resten van het vliegtuig zijn door de Aircraft Recovery Group ’40-’45 opgegraven en zijn nu in het fort te bezichtigen. Voor openingstijden zie www.arg1940-1945.nl
Fort aan den Ham
Het fort is klein en diende voor afsluiting van de spoorlijn en de weg. De afstand tussen het Fort bij Veldhuis en het Fort bij Krommeniedijk was klein genoeg voor wederzijdse ondersteuning. Het tussenliggende fort aan den Ham hoefde niet te worden voorzien van afstandsgeschut. De keelkazematten waren uitsluitend bedoeld voor eigen verdediging. Voor openingstijden zie www.fortaandenham.nl
Fort bij Krommeniedijk
Het fort had tot taak de weg Krommenie – Uitgeest af te sluiten en het wateracces Krommenie. Aan de overzijde van de brug naar Krommeniedijk staat enigszins weggestopt een nevenbatterij.. In het fort is nog een keuken met de kookpotten te zien. In de rechterkeelkazemat is boven de geschutsopening het veldgezicht aangebracht. Daarnaast de vuurgegevens voor het instellen van het geschut. Informatie: www.fortbijkrommeniedijk.nl
Zuidwijkermeer
Het fort had tot doel het Noordzeekanaal te verdedigen. Vanuit de keelkazematten kon het gebied tot het Fort benoorden Spaarndam en Fort aan de St. Aagtendijk worden bestreken. De zuidelijk gelegen nevenbatterij is bij de verbreding van het Noordzeekanaal verdwenen. De loods en de fortwachterswoning zijn eveneens gesloopt.
- Nevenbatterij. Deze werden tussen 1903 en 1908 aangelegd en waren bestemd voor opstelling van het veldgeschut. Door de uitvinding van het rookloze buskruit werd positiebepaling niet meer mogelijk en behoefde het geschut niet langer te worden beschermd en kon op elk gewenste plek in het veld worden opgesteld. Ter verbetering van de grondgesteldheid werden bij de forten zanddepots aangelegd.
- Damsluis. Een damsluis verbindt de waterlopen, die door de aanleg van de liniewal werden doorsneden. Een dergelijke sluis kon met balken worden afgesloten om bij oorlogsdreiging de waterstand voor en achter de Liniewal van elkaar te scheiden. Bij de damsluis nabij de Kagerweg zijn deze schotbalken nog te zien.
- Coupure. In de wal zijn op meerdere plaatsen doorbrekingen om het voorliggende gebied te kunnen bereiken, coupures genaamd. Aan weerzijden zijn zandophogingen te zien. Deze dienden om de coupure te kunnen dichten.
- Kruitmagazijn. Gebouwd in 1895.
- Op korte afstand van het magazijn in zuidelijke richting is in de dijk een scherpe bocht naar buiten. Op deze plaats was een aarden batterij.
- Boerensluis en de schutsluis (6) waren ingericht om de polders onder water te kunnen zetten.
- Schutsluis en molen de Woudaap. Dit is een poldermolen uit 1651
- De Tweede Broekermolen is een poldermolen uit 1631
- De papiermolen De Schoolmeester uit 1692
- Molen De Jonge Dirk is een specerijmolentje uit 1908, dat in 1959 werd herbouwd
- Molen Het Prinsenhof is een in 1722 gebouwde pelmolen. De molen is te bereiken via een voetpaadje dat begint tussen de panden J.J. Allanstraat 380 en 382, Westzaan.
- Erfgoedpark de Hoop is in ontwikkeling; www.dehoopuitgeest.nl